Welkom Cursussen Boeken Overig werk Teksten Curriculum Links Contact  
 
 
teksten

Teksten

Statues
Figuranten
Oneindigheid
Leuk
Eetbare mannen
Land, Water Lucht
Ontzamelen I
Ontzamelen II
Roofprintpress
De lichte wereld van Els ter Horst

 

 

Ontzamelen 1


Ik heb foto’s gemaakt van spullen die ik het afgelopen jaar heb weggegooid. Als het goed is meer dan 365 dingen. Weggooien is ONTZAMELEN, zo noemt mijn zus Jenneke dat.
Door een foto te maken van hetgeen ik weggooi, maak ik er een klein ritueel van. Het kost me moeite afstand te doen van dingen die een stuk van mijn leven en soms een lange tijd met me mee zijn gereisd. Soms zijn het objecten die ongemerkt in mijn huis terecht zijn gekomen maar waar ik hoe dan ook geen band mee gekregen heb. Er zijn een groot aantal souvenirs die het geheugen scherp lijken te houden voor personen of plaatsen. De techniek schrijdt voort en gebruiksvoorwerpen raken overjarig of gaan domweg kapot.
Te veel en te vol. Het huis en het atelier raken dichtgeslibd en daarmee mijn hoofd. Ik kan niet meer naar buiten kijken.
 
Nu ik alle foto’s bij elkaar heb, wil ik ze graag ordenen, een volgorde aanbrengen en soort bij soort zoeken. Het streven is alleen mooie, handige, dierbare en daardoor waardevolle spullen te bewaren. Die verdienen aandacht, ordening en verzorging. Niet de spullen die ik weggooi. Maar voor deze ene keer doe ik het toch. Ik maak een incomplete, los uit de pols verzameling van spullen die ik het huis uitgedaan heb en weer de wereld ingestuurd heb.
 
Bij sommige voorwerpen, dus foto’s hoort een verhaal. Als ik een goede verteller was zou ik deze biografische anekdotes lezenswaardig kunnen maken, maar die eventuele anekdotes gooi ik ook weg.
 
Dit boek is eigenlijk een vuilnisbak van willekeurig bij elkaar gegooide troep. Daarom mag het geen zorgvuldig vormgegeven boek zijn. Het is geen veilingcatalogus en geen gedenkboek. Het is geen eenheid, het is ongedateerd en zonder chronologie.
 
Je kunt een portret van iemand maken aan de hand van de spullen waarmee die zich omringt. Kleding, meubels, boeken, vervoermiddel en verdere bagage.
Zo wil ik mijzelf kunnen identificeren met alle voorwerpen die ik om mij heen heb. Alle spullen die geen goede rede hebben bij mij te horen, moeten dus weg. De rede tot bewaren kan zijn nut, schoonheid, waarde of sentiment.
 
In de loop van mijn leven is de kluit spullen rondom mij gegroeid. Ik ben van een kamer als kind in het huis van mijn ouders, naar een studentenkamer gegaan, daarna naar een eigen huis, waar man en kinderen zijn bijgekomen. Als gezin is de hoeveelheid spullen maximaal. Daarnaast maak ik spullen die ik wil bewaren.
Toch zijn er ook spullen verdwenen, weggegeven, zoekgeraakt of versleten.
Spullen die inwisselbaar zijn zoals een gasfornuis, kleding die versleten of uit de mode raakte en brillen die vervangen moesten worden. Als baby kom je zonder spullen ter wereld en je vertrekt ook zonder.
Ik probeer me alle spullen voor te stellen die “van mij” zijn en geweest zijn. Kleding, textiel, meubeltjes, servies, huishoudelijk apparaten, schriften, fietsen, sportartikelen en zo veel meer. Beschamend veel.
Ik zeg beschamend omdat het zoveel meer is dan de gemiddelde bewoner op deze aardkorst. Als ik als een vluchteling hals over kop mijn land zou moeten verlaten, zou ik mijn identiteit dan kwijt zijn? Hoeveel eigenwaarde ontleen ik aan mijn spullen? De mensen om mij heen zijn uiteindelijk veel belangrijker.
 
Van ieder voorwerp kan ik zeggen of het mij vreemd is, anoniem of heel dierbaar. Of ik kan bekijken waar het voorwerp van gemaakt is, van waardeloos materiaal of van kostbare grondstoffen. Ik kan het voorwerp op zijn esthetische kwaliteiten beoordelen. Zo probeer ik de willekeur van mijn keuzes te verminderen en de relativiteit van mijn gehechtheid aan mijn spullen in te zien. Als de glinstering van een steen me ontroert of ik mij voorstel met hoeveel zorg een leren tas in elkaar is gezet...
Ik stel me mijn oude dag voor in een klein flatje met veel uitzicht. Schilderijen hangen in een museum, boeken staan in een bibliotheek en ik heb niet meer nodig dan 2 borden en 2 kopjes. Waar blijf ik dan met al mijn plaatjes, zelfgemaakte boekjes en spullen van mijn ouders?
Negentig procent van de spullen zou een ander niet eens willen hebben, zozeer horen ze bij mij.
Daarom, ontzamelen, GA ZO DOOR.